24 september 2026 · essay
Het werkwoord dat overblijft
Ceuta, Frontex en de grammatica van bestuur zonder mandaat
Lees de gezamenlijke brief van de 22 Europese regeringsleiders over Ceuta nog eens, maar dan alleen op de werkwoorden.1 Zij verklaren vastbesloten te zijn. Zij erkennen. Zij kunnen niet toestaan. Zij verwelkomen de samenwerking tussen Spanje en Marokko. Zij verwachten dat de situatie onder controle komt. Zij nemen er nota van dat geen doorreis naar de rest van Europa is vastgesteld. Zij herhalen bereid te zijn maatregelen te nemen. Zij verzoeken het Ierse voorzitterschap een videoconferentie te beleggen. De ministers zouden versterkte Frontex-steun in overweging moeten nemen. En de brief eindigt met de mededeling dat de ondertekenaars rekenen op het leiderschap van de geadresseerden.
Negen werkwoorden voor de eigen positie, en niet één ervan beschrijft een handeling die de schrijvers zelf verrichten. De brief sluit af door het handelen bij een ander te beleggen. Dat is de vondst waar Oscar Hammerstein terecht op wijst in zijn commentaar van 2 augustus.2 Zijn conclusie is dat bestuurstaal het staatsmanschap heeft verdrongen, en zijn remedie is een betere zin: Europa had moeten zeggen dat de grens van Spanje de grens van Europa is. Daarmee blijft de diagnose staan waar zij begon. Zij vervangt een tekst door een tekst.
Dat dit vocabulaire beschikbaar is, en als enige, komt doordat wie geen instrument in handen heeft alleen werkwoorden van waarneming overhoudt. Verwelkomen, verwachten, overwegen en nota nemen zijn de vormen die overblijven wanneer de verplichting op de ene plek ligt en de bevoegdheid op de andere. De taal is het symptoom. De verdeling is de oorzaak.
Wat er gebeurde tussen 31 juli en 1 augustus
Van deze brief bestaan twee gepubliceerde teksten, en het verschil ertussen is het meest leerzame document van het hele dossier.
Op 31 juli publiceerde de Sloveense regering de brief met de mededeling dat veertien landen zich tot dan toe hadden aangesloten.3 Op 1 augustus publiceerden de Italiaanse en de Estse regering de definitieve tekst, ondertekend door 22 regeringsleiders.4 Tussen beide versies zijn de operatieve werkwoorden systematisch verzwakt.
In de versie van 31 juli staat dat de lidstaten de vereiste maatregelen moeten nemen. In de definitieve versie herhalen de ondertekenaars dat zij bereid zijn maatregelen te nemen. In de versie van 31 juli verwachten de leiders van Spanje en Marokko dat zij snel handelen. In de definitieve versie verwelkomen zij dat Spanje en Marokko al samenwerken. De versie van 31 juli vraagt de ministers om versterkte Frontex-steun te bezien, de effectiviteit van de samenwerking met Marokko, en, in de woorden van die tekst, mogelijke maatregelen indien toezeggingen niet worden nagekomen. In de definitieve versie is die laatste zinsnede verdwenen. De enige voorwaardelijke consequentie richting een derde staat is in de eindtekst niet meer aanwezig. Toegevoegd is één zin die de urgentie juist verlaagt: er is geen ongeautoriseerde doorreis richting Europa vastgesteld.
Naarmate het aantal handtekeningen steeg van veertien naar 22, daalde de modaliteit van moeten naar bereid zijn. Nederland behoorde niet tot de eerste veertien en tekende de versie waarin die beweging al voltooid was.
Elke bijkomende handtekening is een extra veto op elk operatief werkwoord in de tekst. Een zin die iets afdwingt, moet door alle ondertekenaars worden gedragen tot in de gevolgen; een zin die iets waarneemt, kost niemand iets. Consensus is een grammatica, en zij selecteert voorspelbaar op de werkwoorden met de laagste prijs. Wie het aantal ondertekenaars maximaliseert, minimaliseert daarmee de sterkte van het sterkste werkwoord dat overleeft.
Waar de spanning zit
Met de Strategische Driehoek is de diagnose in één beweging te stellen. Politieke legitimiteit is er in overvloed: 22 van de 27 regeringsleiders zetten hun naam onder één tekst, wat in de Europese verhoudingen zeldzaam is. Over publieke waarde bestaat evenmin veel twijfel, want de doelstelling van een beheerste buitengrens wordt breed gedeeld en is in de brief helder verwoord. De operationele capaciteit ontbreekt, en zij ontbreekt niet in materiële zin. Er zijn schepen, camera’s, hekken en eenheden. Wat ontbreekt is de bevoegdheid om die middelen in te zetten zonder toestemming van de partij die het probleem heeft.
Dat gebrek is in de verordening zelf vastgelegd. Artikel 37 van Verordening (EU) 2019/1896 bepaalt dat een lidstaat de inzet van gezamenlijke operaties kan verzoeken. Artikel 41 geeft de uitvoerend directeur van het agentschap één instrument wanneer een grensvak als kritiek wordt beoordeeld: hij beveelt de lidstaat aan om steun te verzoeken. De lidstaat antwoordt binnen zes werkdagen en motiveert bij een weigering. Het zwaarste werkwoord dat de wetgever aan de directeur van de Europese grens- en kustwacht heeft toegekend is aanbevelen dat een ander verzoekt.5
Artikel 42 is de escalatie, en de trapsgewijze opbouw ervan is instructief. Wanneer de grensbewaking zo ineffectief wordt dat het functioneren van het Schengengebied in gevaar komt, kan de Raad op voorstel van de Commissie bij uitvoeringshandeling maatregelen vaststellen. De uitvoerend directeur stelt binnen twee werkdagen een operationeel plan op, en dat plan komt tot stand doordat hij en de betrokken lidstaat het binnen drie werkdagen eens worden. De lidstaat is verplicht mee te werken. Werkt hij binnen dertig dagen niet mee, dan kan de Commissie de procedure van artikel 29 van de Schengengrenscode in gang zetten.6
Daar eindigt de keten. Het sterkste dwangmiddel dat het stelsel bezit tegen een lidstaat die zijn deel van de buitengrens niet bewaakt, is dat de andere lidstaten hun binnengrenzen mogen sluiten. Het instrumentarium wijst naar binnen omdat het naar buiten geen aangrijpingspunt heeft.
Hetzelfde in het klein
In een regionale samenwerking in het sociaal domein, zeven gemeenten rond een centrumgemeente van ongeveer 150.000 inwoners, zat ik in de periode dat de wachttijden voor specialistische jeugdhulp opliepen tot boven de wettelijke termijnen. De bestuurlijke reactie kwam in een vorm die iedereen in dit vak herkent. De wethouders betreurden de situatie, spraken hun waardering uit voor de inzet van de aanbieders, verwachtten dat de gezamenlijke inspanningen effect zouden sorteren, en verzochten de regionale directie om een verdiepende analyse ten behoeve van het eerstvolgende bestuurlijk overleg.
Ik heb die tekst destijds te slap gevonden en dat ook gezegd. Dat was een verkeerde diagnose. De formulering was een exacte weergave van de bevoegdheidsverdeling. De gemeente was verantwoordelijk op grond van de Jeugdwet, de inkoop lag bij een gemeenschappelijke regeling, de feitelijke capaciteit bij aanbieders met eigen personeelstekorten, en de doorzettingsmacht bij een bestuurlijk overleg dat op consensus besloot en waarin iedere deelnemer feitelijk een veto had. Er was in dat stelsel geen positie waar de zin “wij doen dit” waar zou zijn geweest. Wie in zo’n stelsel toch daadkrachtig formuleert, produceert een belofte die het volgende overleg overleeft en de wachtlijst niet.
De correctie zat dan ook in het beleggen van een bevoegdheid: één regionale functionaris met mandaat om buiten het raamcontract om plaatsingen af te dwingen, met een budgetplafond dat achteraf tussen de gemeenten werd verrekend. Vanaf het moment dat die bevoegdheid bestond, veranderden de werkwoorden vanzelf. Taal volgt mandaat, in die volgorde. Het omgekeerde is nog nooit vertoond.
Wat de causale zin samenperst
De tweede alinea van de definitieve brief is de enige plek in het document die een oorzaak aanwijst. Daar staat dat de recente uitspraak van de Spaanse Hoge Raad is gebruikt om deze aanval uit te lokken en het migratie- en asielstelsel te misbruiken. De zin erna voegt een tweede, algemener spoor toe: beleid dat als aanzuigende factor kan werken, ‘zoals de regularisatie van zeer grote aantallen irreguliere migranten’.
Wat die uitspraak inhoudt, is nauwkeurig vast te stellen. De Vijfde Sectie van de bestuursrechtelijke kamer van het Tribunal Supremo deed op 29 juni 2026 uitspraak, openbaar gemaakt op 8 juli, over de onmiddellijke overdracht aan Marokko van een Algerijnse man die op 14 november 2024 op zee was onderschept terwijl hij naar Ceuta zwom. De tiende aanvullende bepaling van de Vreemdelingenwet staat afwijzing aan de grens toe voor wie de fysieke grensbelemmeringen probeert te overwinnen. Wie zwemt, overwint geen fysieke belemmering, want die is er op zee niet. Op deze categorie is daarom de reguliere terugkeerprocedure van artikel 58.3 van de Vreemdelingenwet van toepassing. De uitspraak wijzigt de wet niet en verklaart terugkeer aan de grens niet onrechtmatig. Zij bevat bovendien een zin die in vrijwel geen enkele politieke reactie is opgemerkt: zouden er wél fysieke keringen in zee worden aangebracht, dan zou afwijzing aan de grens opnieuw kunnen worden toegepast.7
De weg van dat arrest naar 72.000 oversteken is inmiddels stap voor stap gedocumenteerd, en het is de moeite waard die weg naast de ene zin uit de brief te leggen.
De Spaanse regionale krant El Faro de Ceuta legde de uitspraak in het artikel zelf correct uit. In de begeleidende Facebook-post ontbrak de zinsnede en caliente, de twee woorden die de uitspraak beperken tot terugsturen zonder juridische procedure. Wat overbleef was de mededeling dat mensen niet meer teruggestuurd mogen worden. Die post werd duizenden keren gedeeld. Een Spaanse factcheckredactie analyseerde ruim 1.100 Arabischtalige Facebook-publicaties tussen 8 en 31 juli die de uitspraak en Ceuta noemen. In de drie weken na de publicatie ging het om gemiddeld tien berichten per dag. Op 30 juli alleen waren het er 695, goed voor zestig procent van alle berichten en meer dan de helft van het totale bereik over de hele periode. Onder de eerste verspreiders van de kettingtekst bevond zich een presentator van de Marokkaanse publieke omroep met 1,3 miljoen volgers, wiens oorspronkelijke bericht inmiddels is verwijderd.8 Daarnaast telde één Facebookgroep waarin wetsuits, snorkels en zwemles werden aangeboden ongeveer dertigduizend leden.9
Op 30 juli viel dat samen met de Marokkaanse Troondag, waarop een deel van de diensten die normaal de grens bewaken elders was ingezet. Rond het middaguur staakten de Marokkaanse grenswachten hun werk, waardoor de route van vijf kilometer zwemmen kromp tot een wandeling naar de golfbreker.10
Zet dat naast de formulering in de brief. De uitspraak is gebruikt om een aanval uit te lokken. Het onderwerp van die zin is een lijdende vorm. Wie de uitspraak gebruikte, staat er niet. Het geschilpunt dat wél een adres heeft, het Spaanse regularisatiebesluit, staat er als voorbeeld in een categorie: beleid dat als aanzuigende factor kán werken, zonder land en zonder vervolg. Wat er met beide vaststellingen gebeurt, staat er niet.
De causale claim is daarmee retorisch zwaar en operationeel licht. Een keten die loopt van een correct artikel via een samenvatting waarin twee woorden ontbraken naar een nationale feestdag met verminderde grensbezetting, wordt samengeperst tot één zelfstandig naamwoord: aanval. Dat woord heeft geen adres, geen procedure en geen vervolg. Zolang de vraag alleen wordt vastgelegd en niet belegd, functioneert de vermelding als afdekking. Het is opgeschreven, dus het is gezien.
Dit is het verschil tussen vergeten en gedissocieerd weten. Vergeten laat zich met een herinnering repareren. Wat hier gebeurt is iets anders: het staat er, het is bekend, het is bevestigd door 22 regeringsleiders, en het activeert geen enkel vervolg. In de tweede alinea is dit een aanval. In de vijfde alinea is het een situatie die met steun van de Unie onder controle komt. Beide staan onder dezelfde handtekeningen.
Het beeld als aangrijpingspunt
Aan de Europese kant voltrekt zich in diezelfde week een spiegelbeeldige compressie, en de scherpste observatie erover komt van Thomas Hogeling. De voorzitter van de Europese Commissie noemde de beelden uit Ceuta onacceptabel, en de Nederlandse minister van Defensie gebruikte binnen het uur dezelfde formulering.11 Het onderwerp van de afkeuring is de weergave van de gebeurtenis.
Dat is dezelfde selectie die de brief maakt. Verwelkomen kiest een object dat de spreker kan bereiken, en onacceptabel toegepast op beelden doet precies hetzelfde. Waar geen instrument bestaat om de gebeurtenis te adresseren, verschuift het object van het beleid naar het enige wat wél binnen bereik ligt: de verschijningsvorm. De Amerikaanse vicepresident beweerde vervolgens dat de migranten het Europese vasteland hadden bereikt, wat feitelijk onjuist was, en een oud-eurocommissaris duidde het geheel als Europa’s eerste algoritmisch-hybride aanval.12 Aan beide zijden van de Straat werd hetzelfde gedaan: een feit verloor zijn beperkende bijzin en werd daarmee bruikbaar.
De telbaarheid volgt die verschuiving nauwkeurig. Het aantal oversteken lag binnen een dag vast en werd overal identiek geciteerd. Het dodental deed er een week over en ligt nog steeds niet vast: op 31 juli 57, op 2 augustus 72, op 5 augustus 75 volgens de Europese Commissie, op 7 augustus ten minste honderd met daarnaast zeker 44 vermisten. Vijf weken later loopt de spreiding alleen verder uiteen: de Spaanse regering houdt het op 75, de Guardia Civil op 83, het mortuarium van Ceuta ontving er 88, en de organisatie Caminando Fronteras komt op 145.13 Het getal waarop het politieke verhaal rust was onmiddellijk beschikbaar. Het getal dat de menselijke uitkomst weergeeft moest een week op zijn eigen registratie wachten. Een stelsel telt datgene waarop het meent te kunnen handelen.
De kleinste eenheid die zich laat aftekenen
Er is één toezegging in de brief die zich laat afvinken, en dat is de videoconferentie. Grensbeheersing kent geen moment waarop zij is voltooid, geen getal dat naar boven kan worden gerapporteerd, geen datum waarop iemand kan vaststellen dat het gelukt is. Een bijeenkomst heeft dat alles wel. Zij heeft een datum, een deelnemerslijst, een agenda en een verslag.
Wat die bijeenkomst opleverde, is inmiddels te lezen. De Raad kwam op dinsdag 4 augustus per videoconferentie bijeen, formeel als informele videoconferentie van de ministers van Binnenlandse Zaken. Volgens het eigen verslag van de Raad deelden de Spaanse delegatie, de Commissie en de Europese Dienst voor extern optreden hun beoordeling. De lidstaten waren eensgezind in het uitspreken van solidariteit. De ministers waardeerden de inzet van de Spaanse autoriteiten. Er was gedeeld begrip van de noodzaak om door te gaan met de bestrijding van smokkelnetwerken, om terugkeer te versterken, om de grenzen te versterken, om partnerschappen te bouwen en om de vooruitblik te verbeteren. De ministers benadrukten het belang van een gedeeld situatiebeeld en wezen erop dat de communicatie in crisismomenten verder kan worden versterkt. Het enige uitkomstdocument dat de Raad bij de bijeenkomst publiceert, is de deelnemerslijst.14
De voorzittende minister vatte het doel samen als het beoordelen van de instrumenten waarover men al beschikt, het vaststellen waar meer samenwerking nodig is, en het bevorderen van de gezamenlijke voorbereiding op de volgende ministeriële bijeenkomst en de Europese Raad in oktober. De eerstvolgende reguliere Raad Justitie en Binnenlandse Zaken staat gepland op 1 en 2 oktober 2026.
De Europese commissaris voor Migratie kondigde daarnaast vijf punten aan, waaronder versterkte inzet van Frontex en een nieuw mandaat voor het agentschap dat na het zomerreces zal worden vastgesteld.15 Daar zit de enige aangekondigde maatregel die een bevoegdheid daadwerkelijk zou verleggen, en zij is geagendeerd na de vakantie, met als richtdatum de Raad van oktober.
De brief bevat verder precies één oproep tot uitvoering, en die is gericht op de Verklaring van Chișinău, waarvan de brief snelle en effectieve implementatie bepleit. Die verklaring is op 15 mei 2026 aangenomen door het Comité van Ministers van de Raad van Europa, een andere organisatie dan de Europese Unie, met 46 lidstaten. Zij is uitdrukkelijk niet bindend, wijzigt het Verdrag niet en schept geen afdwingbare verplichtingen.16 De enige implementatie-eis in de brief hecht zich daarmee aan het enige genoemde document dat naar zijn aard niet geïmplementeerd kan worden.
De borgingsvraag hoeft in dit dossier niet hypothetisch te worden gesteld, want zij heeft een datum. Terwijl de ministers vergaderden, groeide een op woensdag opgerichte WhatsAppgroep waarin een nieuwe oversteek werd voorbereid van 32 naar 304 leden. De afgesproken dag was 15 augustus, een Spaanse feestdag. Wat er op dat moment aan Europese kant was veranderd ten opzichte van 30 juli, was een uitgesproken solidariteit en een agendapunt voor oktober.
Die dag is inmiddels geweest, en het antwoord op de borgingsvraag ligt er. Er kwam geen massale oversteek. Wat hem tegenhield was aan beide zijden nationaal: Marokko zette duizenden agenten in, deed in de dagen ervoor invallen en trok bij Fnideq een metalen kering van ongeveer vier meter langs de weg naar de grenspost, terwijl Spanje de grens versterkte met politie, Guardia Civil en leger. Het versterkte Frontex-optreden dat de brief in overweging gaf, speelde in die uitkomst geen rol.17
De grens die naar binnen verschuift
Het slot van de brief noemt het enige harde instrument in de hele tekst. De ondertekenaars herhalen bereid te zijn alle noodzakelijke maatregelen te nemen die het Unierecht en de Schengengrenscode toelaten, met inbegrip van het versterken of opnieuw invoeren van tijdelijke controles aan de binnengrenzen.
Nu de feiten daarnaast. Ceuta valt onder een bijzonder regime. Artikel 41 van de Schengengrenscode laat de bijzondere regels voor Ceuta en Melilla onverlet, zoals vastgelegd in de Verklaring van Spanje bij de Slotakte van de Toetredingsovereenkomst tot de Schengenuitvoeringsovereenkomst.18 Spanje voert daarom identiteitscontroles uit op iedereen die Ceuta per veerboot of vliegtuig verlaat, en dat zijn de enige uitgangen. Onregelmatige binnenkomst in Ceuta levert geen recht op doorreis naar het vasteland op. De Europese commissaris voor Binnenlandse Zaken bevestigde op 31 juli publiekelijk dat die uitreiscontroles van kracht bleven en dat er geen bewegingen richting het Europese vasteland of andere lidstaten waren.19 De brief zelf stelt het ook vast, in de zin die aan dat slot voorafgaat, en de Raad herhaalde het op 4 augustus.
Italië voerde niettemin op vrijdag 31 juli, een dag vóór de gezamenlijke brief, gerichte controles op reizigers uit Spanje in en schortte daarmee het vrije verkeer met een medelidstaat op.20 Het enige concrete instrument in de brief was op het moment van ondertekening dus al eenzijdig ingezet, tegen een route waarvan diezelfde brief vaststelt dat zij niet bestaat.
Dat is wat overblijft wanneer de enige hendel die van binnenuit bereikbaar is, naar binnen wijst. Het instrument wordt gekozen op bereikbaarheid.
Er is bovendien een precedent dat laat zien hoe sterk de positie de formulering bepaalt. Toen in 2023 ruim honderdduizend migranten op Lampedusa aankwamen, betoogde de Italiaanse regering dat migratie een Europees probleem was dat een Europese oplossing vroeg.21 Die wisseling van positie is de voorspelbare uitkomst van een gedeelde verantwoordelijkheid zonder eigenaar: de solidariteitsclausule wordt ingeroepen door wie op het getroffen grondgebied staat, en het nationale beleid wordt ter discussie gesteld door wie er niet staat. Beide posities zijn in het stelsel beschikbaar, en welke van de twee een regering inneemt, hangt af van waar de last op dat moment neerkomt.
De enige reparatie die een bevoegdheid raakte
Eén ding is in deze twee weken wél veranderd, en dat gebeurde nationaal.
De uitspraak van 29 juni bevatte de voorwaarde waaronder het instrument van afwijzing aan de grens weer zou werken: de aanwezigheid van fysieke keringen in zee. Op 1 augustus begonnen de Guardia Civil, de Armada en Salvamento Marítimo bij de grensovergang met het leggen van een pneumatische barrière van vijfhonderd meter in het water.22
Dat is de enige interventie in het hele dossier die de bevoegdheidsverdeling raakt in plaats van haar te beschrijven. Zij kwam tot stand binnen dagen, nationaal uitgevoerd, zonder Europees instrument, en zij is rechtstreeks terug te voeren op een zin in het arrest dat in de brief van de 22 als oorzaak van de crisis wordt aangewezen. De rechter die als probleem werd benoemd, leverde de enige aanwijzing die zich liet uitvoeren.
Dat maakt het contrast compleet. De brief die het gezag opeist, produceert een vergadering. Het arrest dat het gezag zou hebben ondermijnd, produceert een barrière. Het verschil zit erin dat de rechterlijke uitspraak een handelende partij aanwees die de handeling ook kon verrichten.
Slot
De scherpste Nederlandse duiding van deze weken komt van Caroline de Gruyter, die betoogt dat macht in toenemende mate berust op het beheersen van stromen, en die daar het begrip rheocratie voor overneemt: het vermogen om kanalen te openen of te sluiten precies daar waar de knelpunten zitten. Haar voorstel is om de bestaande digitale-dienstenverordening aan te scherpen, deze aan buurlanden op te leggen en er sancties aan te verbinden.23
Dat voorstel bevestigt de diagnose van dit stuk, ook al is het als iets anders bedoeld. Het antwoord dat zij formuleert is een bestaand instrument met een eigenaar en een consequentie. Precies dat ontbreekt in de brief van de 22, in de conclusies van 4 augustus en in de escalatieladder van de verordening, en precies dat verklaart waarom die drie teksten in hetzelfde register geschreven zijn.
Hammerstein leest dit als een crisis van leiderschap. Het is een crisis van architectuur. Een verplichting die op de ene plek is neergelegd en een bevoegdheid die op de andere ligt, produceren samen precies dit: een tekst vol werkwoorden van waarneming, één telbare handeling, een implementatie-eis gericht op het enige onuitvoerbare document, een sanctie die op het eigen verkeer wordt uitgevoerd, en een beslismoment dat naar oktober schoof terwijl de volgende oversteek voor 15 augustus werd gepland.
Sinds die dagen is er Europees iets bijgekomen, en het bevestigt de diagnose scherper dan een tegenvoorbeeld zou doen. Op 28 augustus vroeg de Spaanse minister van Binnenlandse Zaken de Commissie alsnog om steun: tien extra Frontex-agenten voor de triage van de mensen die nog in Ceuta verbleven, verlenging van een lopende havenoperatie, behoud van een patrouilleschip en van een surveillancedienst, bijstand van Europol bij onderzoek naar mensensmokkel, en tolken van het Europees asielagentschap.24 Wat daar gevraagd wordt is registratiecapaciteit: het verwerken van wie de grens al gepasseerd is. De steun was begin augustus aangeboden; het verzoek kwam vier weken later. Begin september stuurde de Commissie eerst een technische missie naar Ceuta om de behoeften ter plaatse vast te stellen. Op 9 september volgde het besluit: 114,7 miljoen euro noodsteun, en de toezegging dat Frontex zijn lopende operaties in Spanje tot in 2027 verlengt. Dat is meer dan waarnemen. Maar het verlegt geen bevoegdheid: het geld betaalt camera’s, boeien, screening en opvang die Spanje zelf beheert, en de Frontex-inzet is een verlenging van wat er al stond. De Europese werkwoorden die er in vijf weken bij kwamen, zijn waarnemen en betalen. Houden is het niet.
Wie een sterker werkwoord wil, moet niet aan de zin werken. Het apparaat dat zijn buitengrens niet houdt, verplaatst de grens naar binnen, bij gebrek aan een andere knop.
Jacob Huibers is interim-manager met ruim twintig jaar ervaring in de Nederlandse publieke sector. Hij werkte als clustermanager, clusterdirecteur en kwartiermaker bij gemeenten van vijftigduizend tot ruim tweehonderdduizend inwoners en bij regionale samenwerkingsverbanden in het sociaal en fysiek domein. Statecraft is zijn platform voor strategische reflectie op publieke uitvoering, pijler IV van House of Viridian.
Reactie en tegenspraak via Statecraft.nl.
Footnotes
-
Joint Letter to President Costa, President von der Leyen, and the Taoiseach, 1 augustus 2026, integraal gepubliceerd door de Estse regering (valitsus.ee, 1 augustus 2026) en door de Italiaanse regering (governo.it). Geïnitieerd door Italië en Denemarken, ondertekend door 22 staatshoofden en regeringsleiders. Frankrijk, Ierland, Luxemburg, Portugal en Spanje ondertekenden niet. ↩
-
Oscar Hammerstein, ‘Managerstaal aan de poorten van Europa’, LinkedIn Pulse, 2 augustus 2026. De in dat stuk geciteerde tekst van het bericht van premier Jetten van 1 augustus is hier niet verbatim overgenomen; de strekking ervan wordt bevestigd in de Nederlandse verslaggeving van 1 en 2 augustus 2026. ↩
-
‘Prime Minister Janša joins other leaders in calling on the EU to take urgent action over migration pressure’, gov.si, 31 juli 2026, met de volledige brieftekst en de opsomming van de op dat moment aangesloten landen. Nederland staat niet in die opsomming. De Sloveense regering heeft die pagina inmiddels overschreven met de definitieve tekst en de 22 ondertekenaars (laatst bijgewerkt 24 augustus 2026); een gearchiveerde kopie van de versie van 31 juli is niet beschikbaar. De weergave van die eerdere versie berust op eigen waarneming van de pagina op 31 juli. ↩
-
‘Italy and Denmark put forward letter to EU leaders, signed by 22 Heads of State and Government’, governo.it, 1 augustus 2026; valitsus.ee, 1 augustus 2026, met volledige ondertekenaarslijst. ↩
-
Verordening (EU) 2019/1896 betreffende de Europese grens- en kustwacht, art. 37 lid 1 en art. 41 leden 1 en 2. ↩
-
Verordening (EU) 2019/1896, art. 42 leden 1, 4, 5, 8 en 10. Lid 10 verwijst naar de procedure van art. 29 van Verordening (EU) 2016/399 (Schengengrenscode). ↩
-
Tribunal Supremo, Sala de lo Contencioso-Administrativo, Sección Quinta, uitspraak van 29 juni 2026, openbaar gemaakt op 8 juli 2026, over de tiende aanvullende bepaling van Ley Orgánica 4/2000. Persbericht Consejo General del Poder Judicial. Volledige vindplaats: STS 814/2026, Rec. 3795/2025 (ROJ: STS 2965/2026). Over de passage inzake fysieke keringen in zee, waarin het Hooggerechtshof overweegt dat niets afwijzing aan de grens in de weg zou staan wanneer in zee keringen ter bescherming van de grenslijn worden aangebracht: Europa Press, 30 juli 2026. Het Spaanse ministerie van Binnenlandse Zaken bevestigde op 3 augustus 2026 dat de uitspraak de Vreemdelingenwet niet wijzigt en afwijzing aan de grens niet onrechtmatig verklaart. ↩
-
Maldita.es, 5 en 6 augustus 2026, analyse van ruim 1.100 Arabischtalige Facebook-publicaties tussen 8 en 31 juli 2026. ↩
-
NRC, ‘Opgezweept door verkeerd geïnterpreteerd nieuws, online speculatie en valse beloftes’, reconstructie, 7 augustus 2026. ↩
-
NRC, reconstructie, 7 augustus 2026, mede op basis van waarnemingen van El País en van migratieonderzoeker Myriam Cherti (COMPAS, Oxford). Het Spaanse ministerie van Binnenlandse Zaken kwam voor 30 juli uit op circa 72.000 grensoverschrijdingen; ongeveer 48.000 mensen keerden nog dezelfde week terug, oplopend tot circa 50.000. ↩
-
Thomas Hogeling, ‘Voor politici gaat het om de béélden uit Ceuta’, NRC, 6 augustus 2026. ↩
-
NRC, 6 en 7 augustus 2026; Caroline de Gruyter, ‘Ceuta en de opkomst van de rheocratie’, NRC, 7 augustus 2026, voor de kwalificatie van oud-eurocommissaris Thierry Breton. ↩
-
Reuters, 31 juli en 2 augustus 2026; Europese Commissie (commissaris Brunner), 5 augustus 2026; NRC, 7 augustus 2026. Voor de latere standen: het Spaanse regeringscijfer van 75; de mededeling van stadspresident Juan Jesús Vivas aan El País dat het mortuarium van Ceuta 88 lichamen ontving; het cijfer van 83 van de Guardia Civil (Infobae, 12 augustus 2026); en de telling van Caminando Fronteras van 12 augustus 2026 over de periode 30 juli tot en met 11 augustus, die uitkomt op 145 doden, 78 aan Spaanse en 67 aan Marokkaanse zijde (op 4 augustus nog ten minste 141, 78 en 63), waar Marokko er officieel veertien erkent. Dat de reeks niet sluit heeft een structurele oorzaak: stroming en wind voeren lichamen naar de Marokkaanse kant, en Rabat heeft geen officieel overzicht van doden, gewonden, geredden of vermisten gepubliceerd. De cijfers zijn niet met elkaar in overeenstemming te brengen en zijn hier als reeks weergegeven. Stand gecontroleerd op 10 september 2026. ↩
-
Raad van de Europese Unie, ‘Informal video conference of home affairs ministers, 4 August 2026’, consilium.europa.eu, laatst herzien 5 augustus 2026, inclusief de verklaring van de Ierse minister van Justitie Jim O’Callaghan. Het enige gepubliceerde uitkomstdocument is de deelnemerslijst. ↩
-
Toelichting van Europees commissaris Magnus Brunner na afloop van de bijeenkomst van 4 augustus 2026, met vijf actiepunten en de aankondiging van een nieuw Frontex-mandaat na het zomerreces, met de Raad van oktober als richtdatum. ↩
-
Verklaring van Chișinău over het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens in de context van migratie, aangenomen door het Comité van Ministers van de Raad van Europa, 15 mei 2026. Niet bindend; wijzigt het Verdrag niet en schept geen nieuwe afdwingbare verplichtingen. ↩
-
NRC, reconstructie, 7 augustus 2026. Over de afloop: El Faro de Ceuta, 15 augustus 2026, over het veiligheidsdispositief aan beide zijden en het uitblijven van een massale oversteek; El Debate, 13 augustus 2026, en The Objective, 14 augustus 2026, over de Marokkaanse inzet en de metalen kering van ongeveer vier meter bij Fnideq. Stand gecontroleerd op 3 september 2026. ↩
-
Verordening (EU) 2016/399 (Schengengrenscode), art. 41 en overweging 37. ↩
-
Verklaring van Europees commissaris voor Binnenlandse Zaken en Migratie Magnus Brunner, 31 juli 2026. ↩
-
Euronews, 31 juli 2026: het Italiaanse ministerie van Binnenlandse Zaken gelastte tijdelijke gerichte controles op niet-EU-reizigers uit Spanje via lucht- en zeeverbindingen. ↩
-
NRC, commentaar ‘Ceuta laat zien hoe snel Europa zich uit elkaar laat spelen’, 7 augustus 2026. ↩
-
AFP-beeldverslag, 1 augustus 2026, en de aankondiging door de Guardia Civil zelf op dezelfde dag: de plaatsing bij het havenhoofd van El Tarajal is een gezamenlijke operatie van de Guardia Civil, de Armada en Salvamento Marítimo (Sasemar). De kering bestaat uit een pneumatische barrière van vijfhonderd meter, versterkt met een lijn marineboeien, dertig tot zeventig centimeter boven en tot ongeveer een meter onder water, met een tussenkanaal waardoor vaartuigen van de Guardia Civil aan beide zijden kunnen patrouilleren. Het ministerie van Binnenlandse Zaken duidt de kering aan als tijdelijke maatregel, niet als blijvende voorziening; twee dagen na plaatsing bleek een boeianker gebroken, waarna herstel werd ingepland voor 6 augustus 2026. Stand gecontroleerd op 3 september 2026. ↩
-
Caroline de Gruyter, ‘Ceuta en de opkomst van de rheocratie’, NRC, 7 augustus 2026, met verwijzing naar Edward Fishman, Chokepoints (2025), en naar de term van historicus Xavier Carpentier-Tanguy. ↩
-
Brief van de Spaanse minister van Binnenlandse Zaken Fernando Grande-Marlaska aan Beate Gminder, directeur-generaal Migratie en Binnenlandse Zaken van de Europese Commissie, 28 augustus 2026; persbericht van La Moncloa van dezelfde datum. Gevraagd werden tien extra Frontex-agenten voor het triage-dispositief, verlenging van operatie Minerva in de havens van Algeciras, Tarifa en Ceuta, behoud van het patrouilleschip Duque de Ahumada in 2027 en van de EUROSUR Fusion Services, voortzetting van de samenwerking met Europol bij onderzoek naar mensensmokkel, en bijstand van het Europees Asielagentschap bij gehoren en tolken, naast ruim 32 miljoen euro noodsteun uit de fondsen AMIF en BMVI. Over de stand begin september: na een telefoongesprek tussen commissaris Brunner en Grande-Marlaska liet Commissiewoordvoerder Markus Lammert op 4 september 2026 weten dat er nog enkele belangrijke open vragen waren die eerst beantwoord moesten worden, en kondigde de Commissie een technische missie naar Ceuta aan om de behoeften aan steun van Frontex, Europol en het asielagentschap ter plaatse vast te stellen (Europa Press via Infobae, 4 september 2026; El Debate, 8 september 2026). Premier Sánchez had een dag eerder in het Congreso aangekondigd een permanente Frontex-aanwezigheid in Ceuta te zullen vragen. De technische missie reisde in de week van 8 september naar Ceuta, een tweede naar Madrid. Op 9 september 2026 keurde de Commissie 114,7 miljoen euro noodsteun goed, 82,7 miljoen uit AMIF en 32 miljoen uit BMVI, voor grensbewaking (warmtecamera’s, drijvende boeien, onderwaterdrones), extra personeel en materieel, voorzieningen voor eerste screening en terugkeer, en opvang, inclusief alleenstaande minderjarigen; Frontex verlengt zijn lopende operationele plannen voor gezamenlijke operaties in Spanje tot in 2027, waaronder Minerva, om de inzet van agenten van het permanente korps in Ceuta te continueren (Europa Press via Infobae, 9 september 2026; Ceuta Actualidad, 9 september 2026). Stand gecontroleerd op 17 september 2026. ↩